SDG 14: Behoud en maak duurzaam gebruik van oceanen, zeeën en maritieme hulpbronnen
SDG14-foto

Waterbronnen, en de manier waarop ermee omgegaan wordt, hebben een impact op de maatschappij en de economie, vooral op vlak van gezondheid, voedselproductie, hygiëne, energie, industrie en de werking van ecosystemen. Daarnaast zijn visvangst en visteelt de bron van inkomsten voor ongeveer 540 miljoen personen (zo’n 8% van de wereldbevolking).

Beleid

Het Vlaams beleid rond deze SDG gaat over:

  • Zeewetenschappelijk Onderzoek
  • Cultureel Erfgoed onder water
  • Europees Gemeenschappelijk Visserijbeleid
  • Actieplan Marien Zwerfvuil
  • Kaderrichtlijn Mariene Strategie
  • Visserij verduurzaamt
Goede praktijken

Vanuit het Vlaams beleid zijn er onder meer volgende goede voorbeelden:

  • Visserij Verduurzaamt
  • Afvalbeheersplannen Scheepvaart
Vizier 2030

Op lange termijn vult de Vlaamse overheid de SDG's in via het Vlaams doelstellingenkader 2030. Volgende doelstellingen houden verband met deze SDG:

38. Tegen 2030 is de waterverontreiniging verder beperkt en is de hydromorfologie hersteld zodat het behalen van de goede toestand in de meeste Vlaamse waterlopen en grondwaterlagen mogelijk is, als cruciale opstap naar een robuust watersysteem en als bijdrage aan de bescherming van het marien milieu. (target 14.1 en 14.2)

40. Tegen 2030 is de visvangst op een doeltreffende manier gereguleerd en zijn op wetenschap gebaseerde beheerplannen geïmplementeerd om de visvoorraden zo snel mogelijk te herstellen, op zijn minst op niveaus die een maximale duurzame opbrengst kunnen garanderen zoals bepaald door hun biologische kenmerken. (target 14.4)

41. Tegen 2030 zijn de ecosystemen en hun diensten en biodiversiteit minstens behouden, is de aftakeling van de natuurlijke leefgebieden ingeperkt en zijn met uitsterven bedreigde soorten beschermd. (target 14.5)

Visie 2050

In de langetermijnstrategie van de Vlaamse Regering komt deze SDG niet aan bod.

tile-14

Subdoelstellingen (targets) over:

14.1   voorkomen van vervuiling van de zee

14.2   op een duurzame manier zee- en kustecosystemen beheren en beschermen, om aanzienlijke negatieve gevolgen te vermijden, en actie ondernemen om te komen tot gezonde en productieve oceanen

14.3   de impact van de verzuring van de oceanen minimaliseren en aanpakken, ook via verhoogde wetenschappelijke samenwerking op alle niveaus

14.4   op een doeltreffende manier de visvangst reguleren en een einde maken aan overbevissing, aan illegale, niet-aangegeven en ongereguleerde visserij en aan destructieve visserijpraktijken, en op wetenschap gebaseerde beheerplannen implementeren, om de visvoorraden zo snel mogelijk te herstellen

14.5   Tegen 2020 minstens 10% van de kust- en zeegebieden behouden

14.6   Tegen 2020 bepaalde vormen van visserijsubsidies afschaffen die bijdragen tot overcapaciteit, overbevissing, illegale, niet-aangegeven en ongereguleerde visserij en geen nieuwe vergelijkbare subsidies invoeren, erkennen dat een passende en doeltreffende speciale en gedifferentieerde behandeling van de ontwikkelingslanden en van de minst ontwikkelde landen integraal deel zou moeten uitmaken van de onderhandelingen inzake visserijsubsidies van de Wereldhandelsorganisatie

14.7   de economische voordelen vergroten voor kleine eilandstaten in ontwikkeling en voor de minst ontwikkelde landen van het duurzaam gebruik van mariene rijkdommen, ook via het duurzaam beheer van visserij, aquacultuur en toerisme

14.a   De wetenschappelijke kennis vergroten, onderzoekscapaciteit ontwikkelen en mariene technologie overdragen, om de gezondheid van de oceaan te verbeteren en de bijdrage te verruimen van de mariene biodiversiteit tot de ontwikkeling van ontwikkelingslanden.

14.b Toegang verschaffen aan kleinschalige ambachtelijke vissers tot mariene hulpbronnen en markten.

14.c Het behoud en het duurzaam gebruik van oceanen en hulpbronnen versterken door het implementeren van internationaal recht zoals dat wordt weerspiegeld in het VN-Zeerechtverdrag, dat een wettelijk kader voorziet voor het behoud en het duurzaam gebruik van oceanen en hun hulpbronnen, zoals ook wordt vermeld in paragraaf 158 van "De toekomst die wij willen"