Groot-Brittannië bouwt grootste offshore windpark ter wereld

Groot-Brittannië heeft zijn toestemming gegeven voor de bouw van het windturbinepark Dogger Bank Creyke Beck in de Noordzee. Het park zal bestaan uit ongeveer vierhonderd turbines en een maximale capaciteit van 2.400 megawatt kunnen genereren. Die capaciteit komt overeen met de productie van drie gemiddelde kernreactoren en moet het energieverbruik van 1,8 miljoen gezinnen kunnen dekken.

De realisatie van het windturbinepark kadert in de strategie van de Britse regering om wereldwijd marktleider te blijven in de offshore windenergie. Groot-Brittannië heeft al meer offshore windenergie-capaciteit opgebouwd dat de rest van Europa samen.

Even groot als Corsica

Dogger Bank Creyke Beck wordt ingeplant op 130 kilometer voor de noordoostelijke kust van Engeland en is het grootste Britse project voor hernieuwbare energie. Het park zal worden uitgebaat door het consortium Forewind, waarin Duitse, Britse en Noorse energieproducenten participeren.

Het windturbinepark zal een oppervlakte omvatten van 8.660 vierkante kilometer, waarmee Dogger Bank Creyke Beck even groot wordt als het Franse eiland Corsica en ook de omvang van Puerto Rico, dat een oppervlakte heeft van 8.870 vierkante kilometer, zal benaderen. Het windturbinepark zou ongeveer 2,5 procent van alle Britse elektriciteitsproductie voor zijn rekening moeten kunnen nemen.

Volgens Forewind wordt Dogger Bank Creyke Beck de tweede grootste krachtcentrale van Groot-Brittannië, na de steenkoolcentrale van Drax in North Yorkshire, die een capaciteit heeft van 3,9 gigawatt. Indien de verdere planning verloopt zoals wordt gehoopt, zou het windturbinepark over zeven jaar operationeel moeten zijn.

Forewind is een consortium van het Britse concern Scottish and Southern Energy (SSE), het Duitse Rheinisch-Westfälisches Elektrizitätswerk (RWE) en de Noorse groepen Statoil en Statkraft.

24/03/17

25 november 2019 - Conferentie ‘Het intra-Europese spoorwegnetwerk: groot potentieel, voldoende ontwikkeld?’

Het Europese spoorwegnet lijk een ​​essentieel onderdeel van een strategie voor het bereiken van ambitieuze klimaatdoelstellingen, met name in een regio die zo dichtbevolkt is en een zo dicht industrieel netwerk heeft als de Benelux. Dit in de context van congestie op het wegennet en de maatschappelijke kost ervan, als alternatief voor het vliegtuig en voor dieselwagens, als middel voor het koolstofarm maken van de transporsector.

26 november: w[eet]enschap - Hoe membranen ons op weg kunnen helpen naar een duurzamere industrie

Membranen, zijnde technologie die geïnspireerd is “uit de natuur”, kunnen ons helpen bij de transitie naar een duurzamere industrie, en in bijzonder een duurzame chemie.

07 november 2019. OESO-projectdag. Regio's en steden leren van elkaar over SDG-implementatie. Wat kan de Vlaamse regering doen?

Hoe kan Vlaanderen de Sustainable Development Goals in haar beleid en werking integreren? Europese regio's en steden leren van elkaar in het Peer Learning Platform van de VN, over hoe ze de SDG's kunnen implementeren.

OESO maakt komaf met economische groei an sich

Geen kwantitatieve groei, maar een kwalitatieve

18 bedreigingen voor onze oceanen en hoe ze het hoofd te bieden – deel 1

Over visconsumptie, landbouw, afval, biodiversiteit, watertemperatuur en grote kuststeden

Scivil brengt burgers en wetenschap dichter bij elkaar

Vlaams expertisecentrum voor Citizen science