SDG 2 -Beëindig honger, bereik voedselzekerheid en verbeterde voeding en promoot duurzame landbouw
Goal-2.jpg

Sinds 1990 is het aantal ondervoede mensen in ontwikkelingslanden met bijna 50% verminderd. Die daling kunnen we ondermeer toeschrijven aan de succesvolle implementatie van de eerste Millenniumdoelstelling. Die was erop gericht om het aantal mensen dat honger lijdt te halveren tussen 1990 en 2015.

Vandaag worden 805 miljoen mensen nog steeds bedreigd door honger en malnutritie, dat is één persoon op negen. Malnutritie is de oorzaak van bijna de helft van alle sterfgevallen bij kinderen onder de vijf jaar, dat zijn 3,1 miljoen kinderen per jaar. Wereldwijd lijdt één op vier kinderen aan een groeistoornis. In ontwikkelingslanden kan dat aantal oplopen tot één op drie.

Beleid

Het Vlaams beleid rond deze SDG gaat over:

  • het derde Vlaamse plattelandontwikkelingsplan
  • het tegengaan van bodemdegradatie
  • kennisopbouw rond bodembescherming en -vruchtbaarheid
  • Beleidsplan Ruimte Vlaanderen: erkenning van de rol van open ruimte voor voedselproductie
  • de afbakening van natuur, bos en open ruimte via AGNAS
  • subsidies aan verenigingen
Goede praktijken

Vanuit het Vlaams beleid zijn onder meer volgende voorbeelden te vermelden;

  • Subsidies voor demonstratieprojecten rond duurzame landbouw

Vanuit burgers en verenigen zijn er deze goede voorbeelden:

  • Eva vzw
  • Wervel vzw
Vizier 2030

Op lange termijn vult de Vlaamse overheid de SDG's in via het Vlaams doelstellingenkader 2030.
Volgende doelstellingen houden verband met SDG 2: 

19. Tegen 2030 zijn duurzame voedselproductiesystemen gegarandeerd en veerkrachtige landbouwpraktijken geïmplementeerd die de productiviteit en de productie kunnen verhogen en een toereikend inkomen verzekeren. (target 2.4)

33. Tegen 2030 is de genetische diversiteit in stand gehouden van zaden, cultuurgewassen en gefokte en gedomesticeerde dieren en hun in het wild levende verwanten, en worden de voordelen afkomstig van het gebruik van genetische hulpbronnen en daaraan gekoppelde traditionele kennis eerlijk en billijk gedeeld. (target 2.5)

Visie2050

In de langetermijnstrategie van de Vlaamse Regering draagt de transitiepriorteit 'Circulaire economie' bij aan het bereiken van deze SDG. Dit via deeleconomiesystemen.

tile-02

Subdoelstellingen (targets) over:

  1. Een einde aan honger en toegang voor iedereen, in het bijzonder de armen en de mensen die leven in kwetsbare situaties, met inbegrip van kinderen, tot veilig, voedzaam en voldoende voedsel en dit het hele jaar lang.
     
  2.  Een einde aan alle vormen van malnutritie, waarbij ook tegen 2025 voldaan moet kunnen worden aan de internationaal overeengekomen doelstellingen over groeiachterstand en ondergewicht bij kinderen onder de 5 jaar; alsook die van een aantal andere doelgroepen.
     
  3. Verdubbeling van de landbouwproductiviteit en inkomens voor kleinschalige voedselproducenten, in het bijzonder vrouwen, inheemse bevolkingen, familieboeren, veefokkers en vissers, onder meer door een veilige en gelijke toegang tot verschillende hulpbronnen.
     
  4. Duurzame voedselproductiesystemen en veerkrachtige landbouwpraktijken die de productiviteit en de productie kunnen verhogen, die helpen bij het in stand houden van ecosystemen, die de aanpassingscapaciteit verhogen in de strijd tegen klimaatverandering, extreme weersomstandigheden, droogte, overstromingen en andere rampen en die op een progressieve manier de kwaliteit van het land en de bodem verbeteren.
     
  5. Tegen 2020 de genetische diversiteit in stand houden van zaden, cultuurgewassen en gefokte en gedomesticeerde dieren en hun in het wild levende verwanten.

Middelen

a     Investeringen in de landbouwkundige productiecapaciteit in ontwikkelingslanden, in het bijzonder in de minst ontwikkelde landen.

b     Corrigeren en voorkomen van handelsbeperkingen en scheefgegroeide situaties op de wereldlandbouwmarkten.

c     Maatregelen aannemen die de correcte werking moeten garanderen van de voedselgrondstoffenmarkten en hun afgeleiden en een snelle toegang tot marktinformatie bevorderen om de extreme volatiliteit van de voedselprijzen te helpen beperken.